CD-sounds that remain: Voermans, Ensemble Hopper, Althuis & Heikens

Door Wynold Verweij

Erik Voermans

Je moet waarschijnlijk over een ongezonde portie doodsverachting beschikken om te denken dat een hedendaags componist nog iets kan toevoegen aan de klassieker Orfeus & Euridike. Talloze componisten en dichters hebben zoveel gras voor ieders voeten weggemaaid dat het een hopeloze ambitie lijkt. Totdat Erik Voermans een elektrische gitaar van het merk Fender Stratocaster uit 1974 te pakken kreeg. Die stelde hem in staat een ongekend kleurenpalet aan te brengen. Daarnaast kon hij rekenen op het creatieve talent van Yuri Honing, die op sopraan- en tenorsax een reputatie van onverschrokken intensiteit heeft opgebouwd. Gevoegd bij de mysterieuze stemmen van Alessandra Striggio en Andrew Keeling, beschikte Voermans over een line-up die in staat bleek een ander licht op deze Griekse mythe te laten schijnen.

De CD is opgebouwd uit een drieluik. Het hoofdverhaal is een associatieve verklanking van de dramatische poging van Orfeus om zijn geliefde Euridike uit het dodenrijk te halen. Het verhaal wordt geflankeerd door een klaagzang voor gitaar en elektronica aan het begin en een treurende Orfeus aan het einde, beide gespeeld op de fameuze Stratocaster.  Vernieuwend is het gebruik van stemmen die vanuit het Engels achterstevoren worden afgespeeld waardoor het lijkt of Euridike terug in de tijd wordt geplaatst, toen alles nog goed was.

De CD ademt een mythische fantasiewereld, bestaande uit virtuoze gitaarsolo’s (met een knipoog richting Mark Knopfler – Dire Straits), een bonte verzameling van gestemde percussie (marimba, gamelan, buisklokken), bromtonen en zelfs een klavecimbel. Yuri Honing bespeelt zijn sopraansax met warmte, waar de treurnis van Orfeus doorklinkt. Met zijn ‘orkestre elektrophonique’ en zijn gitaren breng Voermans een hallucinant eerbetoon aan dit overbekende sprookje dat nieuw en fris in de oren klinkt.

VOERMANS

The Tale of Orpheus & Eurydice

Erik Voermans (orkestre elektrophonique, elektrische gitaar), Yuri Honing (saxofoon) Attacca                2023.161            1h

Deze recensie verscheen eerder in Luister no. 779. www.luister.nl


Ensemble Hopper

Het Forum de la Création Musicale heeft zijn 20e verjaardag gevierd met een muzikaal feestje waarop het Ensemble Hopper eer bewijst aan acht oud-studenten van het Koninklijk Conservatorium in Luik. Zij hebben zich intussen in de kijker gespeeld. Daardoor geeft deze dubbel-CD een kleurrijk doorkijkje in 15 jaar hedendaags klassiek aan de oevers van de Maas.

Sopraan Donatienne Michel-Dansac opent met de mysterieuze compositie Khorram ãn Ruz van Jean-Luc Fafchamps, een zetting op poëzie over heimwee van de 14e-eeuwse filosoof Hafez. Zij zingt een slepend lamento dat toch hoop biedt dankzij verschillende ritmen. Fluit en percussie vermengen zich in een zwoel aquarel. In Never breaking wave voor strijkers en percussie van Jean-Yves Colmant valt de virtuositeit van vibrafonist Rémi Lafosse op. Hij varieert overtuigend tussen vrolijk trippelende passages en verstilde minimal music. Het lange Allongée sur le Vide (23′) van Stefan Hejdrowski  voor fluit, cello, sopraan en elektronica sleept de luisteraar mee in overweldigende texturen maar laat die aan zijn lot over wanneer de sopraan a capella de andere kant van het spectrum opzoekt. De compositie blijft naar zichzelf op zoek en kan niet tot het einde boeien. Gedurfd is Avatar ou à la recherche du 120 voor cello en elektronika van gitariste Gaëlle Hyernaux. Door afstand te nemen van haar eigen instrument verkent zij de mogelijkheden van de cello, inclusief pogingen tot gesprek met elektronica. Ook akoestisch leveren die fraaie vergezichten op. Het compositorisch materiaal van Martin Loridon is lucht en adem. In de compositie Ātma(n) is het de bedoeling hybride vormen te creëren van klarinet, strijkers en percussie. Maar de luisterervaring blijft fragmentarisch en de elektronica doet teveel denken aan de eentonigheid van een vulmachine in een bierbrouwerij.

Polaroïds – Fafchamps, Colmant, Hejdrowski, Couvreur e.a.

Ensemble Hopper

SOOND                SND 23013       1h38′ (2 CD’s)

Deze recensie verscheen eerder in Luister no. 779 http://www.luister.nl


Althuis & Heikens

Dat klarinettist Jelte Althuis en organist Henny Heikens elkaar tien jaar geleden vonden is de schuld van componist Wim de Ruiter. Deze had nog een stuk voor basklarinet en orgel liggen, vroeg aan Heikens of hij dat eens wilde spelen en Althuis zag dat ook wel zitten. Zo ontstond een ongebruikelijk duo.

Hun CD opent dan ook met Allons-Y van Wim de Ruiter. Het van nature mechanische karakter van het orgel mengt elegant met de warme en organische basklarinet, waardoor het orgel in sommige bewegingen haast lyrisch klinkt.

In Salto van Oene van Geel, bekend van jazz en improvisatie, wordt de basklarinet aangemoedigd alle denkbare extremen op te zoeken, met een ritmiek afkomstig van India. Het orgel speelt een bescheiden, vriendelijk stimulerende rol. Het langste en jongste stuk is Sluipweg van Guus Jansen. De titel slaat op een technisch aspect van de basklarinet: naarmate het instrument meer crescendo speelt sluipen steeds meer boventonen mee. Een tweede kenmerk is een omhoog kruipende reeks tonen die de indruk van oneindigheid geven waardoor nieuwe spanning ontstaat. In de klassieker God bless the Child blijkt hoezeer orgel en basklarinet soms concurreren om de aandacht. Dat kan schuren, maar deze musici vinden de weg naar lyriek en expressiviteit. Althuis en Heikens halen het beste uit twee werelden.

Ladder of Escape 17

Jelle Althuis (basklarinet), Henny Heikens (orgel)

ATTACCA            ATT2023165     69’05”

Deze recensie verscheen eerder in Luister no. 779. http://www.luister.nl


Leave a Reply