Bryce Dessner’s concerto’s sprankelen en strelen

De Amerikaanse gitarist en songwriter Bryce Dessner wordt vooral in verband gebracht met de indierock band The National. Maar sinds ruim tien jaar heeft hij ook naam gemaakt als componist van klassieke muziek. Wat begon als een beetje bijklussen is intussen uitgegroeid tot een solide klassiek repertoire, barstend van energie en adembenemende landschappen. De Brusselse Bozar ging afgelopen zondag uit zijn dak. (for English see bottom of the page)

Wynold Verweij

De Duits-Japanse pianiste Alice Sara Ott speelde de Belgische première van zijn Pianoconcerto (2023), speciaal voor haar geschreven. Zij speelde met blote voeten, wat misschien bijdraagt aan haar wonderlijke gevoel voor natuur , waardoor zij in staat bleek het eerste razendsnelle deel niet alleen virtuoos maar tegelijk kristalhelder over te brengen. Het concerto zet eveneens de schijnwerper op vijf percussionisten en een opgevoerde kopersectie waardoor rockelementen volledig tot hun recht kwamen. Ook hierin voelde Ott zich zichtbaar op haar gemak, zozeer zelfs dat zij het publiek en het orkest zo nu en toelachte.  Het intieme tweede deel speelde zij met dezelfde vanzelfsprekendheid, waarbij haar uitvoering ook de delicate en tedere kanten van haar persoonlijkheid toonde. In het derde deel (How to feel) komen minimalisme, rock, opzwepende percussie, elegantie en knetterende energie samen in een soundscape waarop Dessner inmiddels het patent lijkt te hebben. En met Ott heeft hij daaraan ontwapenende charme en stralend plezier kunnen toevoegen. 

In St. Carolyn by the Sea (2011) voor orkest en twee electrische gitaren is een subtiele versie van Dessner’s toonspraak te horen. Aan zijn principes laat hij niet morrelen: de tremolo’s van de strijkers refereren aan de ritmiek van de Amerikaanse minimalist Steve Reich en de partijen van strijkers knipogen naar Samuel Barber.  Maar de uitdaging van Dessner was de gitaren te integreren met het orkest. Zij zuigen letterlijk de murmelende tonen van de gitaren op die daardoor zo nu en dan onder het wateroppervlak lijken te verdwijnen, om even later in alle bescheidenheid weer de kop op te steken. Het is een mijmerend stuk dat zich In Bozar minder goed verhield met de twee versterkers die op het podium stonden. Ik ben benieuwd hoe een uitvoering met twee akoestische gitaren in een kamerbezetting zou klinken.

Dat een solist een portie extra energie ontleent aan een stuk dat speciaal voor hem is geschreven bewees ook de Finse violist Pekka Kuusisto in Dessner’s Violin Concerto. In duizelingwekkende tempi joeg hij in 24 minuten een ongekende rijkdom aan kleuren en geuren door de zaal. Zijn motorische ritmiek speelde kat-en-muis met de lyrische en verstilde passages. Net als Alice Sara Ott op de piano zette ook hij alle middelen in om de eeuwige jeugd te verklanken en frisheid opnieuw te definiëren. Het gehele concerto dient attaca gespeeld te worden – en dat ervaart de luisteraar aan het einde van het tweede deel vooral dankzij de meditatieve solopassage waar de strijkers een pedaaltoon aanhouden. Het klonk als bescherming van de solist en tegelijk als opmaat voor een spetterende eindsprint.

  • WAT:                       Pianoconcerto (Bryce Dessner)

                                       St. Carolyn by the Sea (Bryce Dessner)

                                       Vioolconcerto (Bryce Dessner)

  • WIE:                        Brussels Philharmonic o.l.v. André de Ridder

                                       Alice Sara Ott (piano)

                                       Bryce Dessner, David Chalmin (elektrische gitaar)

                                        Pekka Kuusisto (viool)

  • GEZIEN:               24 november 2024, Bozar, Brussel  
  • AGENDA: Alice Sara Ott speelt het Pianoconcerto op 6,7, en 8 december in respectievelijk Eindhoven, Tilburg en Utrecht.
  • INTERVIEW met Ott in PIANIST Magazine nr. 4, December 2024. http://pianistmagazine.nl
  • FOTO: Peter Hundert (featured image)

                 


Bryce Dessner’s concertos sparkle and caress


American guitarist and songwriter Bryce Dessner is mostly associated with indie rock band The National. But for over a decade, he has also made a name for himself as a composer of classical music. What started as a little side gig has since grown into a solid classical repertoire. It bursts with energy and accompanying landscapes. However, it also embraces minimalism and intimacy. The Brussels Bozar went wild last Sunday.
German-Japanese pianist Alice Sara Ott played the Belgian premiere of his Piano Concerto (2023), written especially for her. She played barefoot, which perhaps contributes to her wonderful sense of nature, enabling her to convey the first lightning-fast movement not only virtuosically but at the same time with crystal clarity. The concerto also put the spotlight on five percussionists and a beefed-up brass section that allowed rock elements to be fully realised. In this too, Ott visibly felt at ease, so much so that she occasionally smiled at the audience and the orchestra. She played the intimate second movement with the same naturalness, her performance also showing the delicate and tender sides of her personality. In the third movement (How to feel), minimalism, rock, rousing percussion, elegance and crackling energy come together in a soundscape Dessner seems to have patented by now. And with Ott, he has managed to add disarming charm and radiant fun. 
In St Carolyn by the Sea (2011) for orchestra and two electric guitars, a subtle version of Dessner’s tonal language can be heard. He does not let his principles be tampered with. The strings‘ tremolos allude to the rhythms of American minimalist Steve Reich. The strings’ parts wink at Samuel Barber. But Dessner’s challenge was to integrate the guitars with the orchestra. They literally soak up the gurgling tones of the guitars, which therefore occasionally seem to disappear under the surface, only to reappear a moment later in all modesty. It is a musing piece that did not relate as well in Bozar to the two amplifiers on stage. I wonder what a performance with two acoustic guitars would sound like in a chamber setting.
That a soloist derives a portion of extra energy from a piece written especially for him was also proved by Finnish violinist Pekka Kuusisto in Dessner’s Violin Concerto. In dizzying tempi, he chased an unprecedented wealth of colours and scents through the hall in 24 minutes. His motoric rhythms played cat-and-mouse with the lyrical and hushed passages. Like Alice Sara Ott on the piano, he too deployed all means to express eternal youth and redefine freshness. The entire concerto should be played attaca – and the listener experiences this at the end of the second movement especially thanks to the meditative solo passage where the strings maintain a pedal tone. It sounded like protection for the soloist and at the same time a prelude to a dazzling final sprint.


Agenda:

Alice Sara Ott plays the Piano Concerto on 6,7, and 8 December in Eindhoven, Tilburg and Utrecht, respectively.


Interview with Ott in PIANIST Magazine no. 4, December 2024.
http://pianistmagazine.nl

Featured image by Peter Hundert.

Leave a Reply